Geen persona of geen persoonlijkheid?

Soms zou ik wensen dat ik helemaal geen persoonlijkheid nodig zou hebben. Ik wil gewoon een leven hebben, in plaats van steeds aan mezelf te moeten werken. Het duurt nu al zo oneindig lang dat ik dat probeer, en het lijkt ook niet eerlijk. Andere mensen zijn er ook lang niet altijd zo mee bezig om zichzelf steeds te moeten verbeteren, terwijl die toch ook niet allemaal zo’n enorm hoogstaand ontwikkelde persoonlijkheid lijken te hebben. Natuurlijk zijn daarin grote verschillen, maar ik meen toch dat er meer dan genoeg mensen rondlopen die zichzelf zelfs nog slechter voor elkaar hebben dan ik mezelf en het desondanks stukken beter naar hun zin hebben en/of in hoger aanzien staan. Dus waarom moet ik dan zo nodig maar blijven sleuren aan mijn persoonlijkheid die zich afwisselend als dood paard, paniekerig paard en opstandig paard gedraagt bij alles wat ik eraan zou willen verbeteren?

Natuurlijk omdat dat ik me nog steeds regelmatig met dermate schaamtevolle stumperigheid achter de vermeende feiten aan zie rennen dat ik nog veel liever hard zou weglopen. Het lijkt dan wel of ik echt helemaal NIETS goed kan doen. Bijna niets wat ik van mezelf zou kunnen laten zien lijkt aanvaardbaar voor mezelf en al helemaal niet om door een ander gezien te worden. Mochten er nog wat fragmentjes overblijven die ik wel vind kunnen, dan zijn dat er toch echt niet genoeg.

Het is wel de vraag wat het dan precies is waar ik zo schandalig op misgrijp in zulke panieksituaties. Voor een deel kan die narigheid veroorzaakt worden doordat ik tijdelijk niet in staat ben om mijn eigen goede en sterke kanten te zien, terwijl mijn fouten en tekortkomingen overmatig de aandacht opeisen. Dan zie ik mijn schaduw dus groter dan mijn persoonlijkheid, maar betekent dat ook dat er met mijn persoonlijkheid zelf iets mis is?

Vaak ben ik vooral ook erg bang voor wat de ander ziet. Ik ga er dan van uit dat dit zeer negatief is en bovendien dat het als het negatiever is dan wat ik oorspronkelijk zelf dacht over mezelf, het dus ook meer waar is dan wat ik zelf dacht. Eigenlijk is het dan meer mijn “persona” dan mijn persoonlijkheid die mijn wantrouwen in eerste instantie wekt. De betekenis van “persona” is ook wel masker. Het is dus iets eigenlijk oppervlakkigs dat je verkiest aan anderen te laten zien. In het normale sociale verkeer worden dergelijke maskers veel gebruikt, en het ontwikkelen van een geschikte persona voor voorkomende situaties kan wel gezien worden als onderdeel van normale persoonlijkheidsontwikkeling. Desondanks lijkt mij ook dat een echte, goed ontwikkelde persoonlijkheid zou maken dat je die oppervlakkige maskers niet meer nodig hebt, omdat je als compleet persoon in staat bent om in iedere situatie zowel authentiek te blijven, als ook voldoende aangepast te zijn aan de situatie en sociale context. Zowel in contact met je diepste innerlijke passies als ook in vruchtbare verbinding met de buitenwereld zou je optimaal in je kracht komen en creatief kunnen realiseren wat je aan mogelijkheden hebt in het leven…

Deze voorstelling maakt verder werken aan persoonlijkheidsontwikkeling dan toch wel weer aantrekkelijk. Het kan dan wel zo zijn dat veel anderen ook niet optimaal ontwikkeld zijn, maar dit is eigenlijk toch niet voldoende reden zijn om het zelf dan ook maar niet meer te proberen. Complexe emotionele conflicten en crisis schijnen zelfs te kunnen bijdragen aan diepgaande ontwikkelingen van persoonlijkheid, zodat mijn vermeend kansloze achterstand op de vermeende feiten misschien toch niet zo onoverkomelijk hoeft te zijn als het mij in de angst steeds voorkomt. Maar ga mij niet vertellen dat de angst altijd liegt, want dat zou in strijd zijn met het beetje persoonlijkheid dat ik tenminste al wel heb!

Wel zou ik me zowel in dit blog als overal anders ook wel graag eens van een totaal andere kant willen laten zien, en zonder steeds mijn schaduw voor mijn persoonlijkheid te schuiven bij gebrek aan persona. Ook zou ik mezelf wel helemaal willen kunnen overslaan en juist met al het andere bezig gaan, dat zo veel verrijkender is of lijkt, maar dan lijkt de keuze die ik zou kunnen maken uit en de manieren waarop ik zou kunnen omgaan met “al het andere” toch weer al te griezelig naar mij zelf terug te verwijzen. Bij leven de eigen persoonlijkheid vermijden is kortom een onmogelijke opgave, maar ik vind het nog altijd erg lastig wat ik er dan wel mee moet.  Voor de rest gaat het trouwens wel prima, hoor (echt waar!).

*

(Afbeelding: Een werk van Titia van Beugen)

Advertenties

Leven met exposure in soorten en maten.

Exposure bij angststoornissen.

In de behandeling van angststoornissen is “exposure”, het aangaan van de angst, meestal een belangrijk onderdeel. Ik heb zelfs wel eens de neiging gehad om dit te interpreteren als: hoe meer exposure hoe beter. Het leven begon toch buiten je comfortzone!

Weliswaar had ik al lang geen comfortzone meer, of althans, daar had ik verboden gebied van gemaakt, aangezien ik eindelijk eens moest en zou beginnen met leven!

20150718_220549~2

Vaak werd ik vooral enorm gestresst en gefrustreerd door deze pogingen tot exposure. Het voelde dan echt helemaal niet goed, en ik ging nog raar doen ook waardoor ik mijn angsten alleen maar verder bevestigde. Maar net vaak genoeg om het niet op te geven, werkte het dan toch wel. Dan had ik eindelijk eens toegang tot het leven! Altijd te kort weliswaar, maar toch: Leven! Daar deed ik het voor!

Bovendien, hoewel het in angstige situaties vaak voelde alsof het niet zo was, leerde ik er uiteindelijk ook van. Nu constateer ik vaak met groot genoegen dat een situatie die me enige tijd geleden redeloos en radeloos maakte, me moeiteloos af ging alsof ik er in mijn hele leven nog nooit een probleem mee gehad zou hebben!

Weliswaar komt het ook steeds weer voor dat het opeens toch weer wel een probleem is, maar dan heb ik toch al steun van het weten dat ik het eigenlijk wel degelijk kan.

Toch lijkt me achteraf bezien, de mentaliteit waarmee ik het aanging niet altijd even gezond. Ik heb de indruk dat ik door mezelf zo lang aan één stuk door aan stress bloot te stellen, mijn innerlijke stressregulatiesysteem nog verder ontregeld heb. Voor mijn gevoel heb ik mezelf daarbij ook nog eens zo goed als onmogelijk gemaakt bij een veel te groot aantal mensen, door in een redeloze vecht-vlucht-of-bevries modus het “contact” met hen aan te willen gaan…

Wel heb ik nog de hoop dat ik in ieder geval het belangrijkste deel van de daarbij opgelopen schade nog kan goedmaken, zodat ik alles bij elkaar er toch iets mee gewonnen heb.

Exposure in “risk assessment.”

In mijn studie ging het ook over exposure, 4 weken lang aan één stuk door. Het bepalen van de exposure is een van de essentiële onderdelen van de manier waarop risico’s vanuit de wetenschap ingeschat worden. Ik zal mijn lezers niet vervelen met de definities van exposure die in mijn vakgebied gehanteerd worden, maar meestal komt het toch neer op het in aanraking komen met schadelijke stoffen. Exposure is dan hetgene dat van een potentieel gevaarlijke stof pas een daadwerkelijk schadelijke stof maakt. Het is dus iets dat we over het algemeen willen vermijden.

Wel zijn er ook exposures die een gunstig effect kunnen hebben, en waarbij afwezigheid van exposure zelfs schadelijk kan zijn. Dit geldt bijvoorbeeld voor water, vitamines, en lichamelijke inspanning. Toch is het ook bij al deze dingen zo, dat een té hoge exposure ook weer schadelijk is. Als we het effect van zulke stoffen in een grafiek weergeven, krijgt dat een U-vorm. Tenminste in de toxicologie, waar negatieve effecten gemeten worden. Je zou de U ook kunnen omkeren natuurlijk, als je vooral van het positieve wilt uitgaan, maar dat doen we niet 😉

u-shaped-dose-response

Exposure aan fouten.

Zoals ik een beetje liet blijken uit mijn vorige blog, kreeg ik in mijn studie al snel te maken met een overmatige exposure aan het moeten maken van fouten. Dat is niet voor het eerst. Het lijkt erop dat ik nogal gevoelig ben voor fouten die ik maak.

Op zich is dat niet per se een ziekelijke afwijking. Het heeft zelfs het voordeel dat ik in principe minder en kleinere fouten hoef te maken om iets goed te kunnen leren. Bovendien zal ik sterk intrinsiek gemotiveerd blijven om fouten te vermijden, zodat ik in principe nauwelijks externe druk nodig heb om scherp te blijven.

Exposure aan fouten is ook wel te beschouwen als iets dat een u-vormige dosis-respons relatie heeft. Ook ik kan tot niks komen als ik fouten helemaal zou willen vermijden. Tegelijk zal ik ervoor moeten zorgen dat ik me niet laat vergiftigen door die overdosis, die al kan optreden terwijl er voor anderen nog niets aan de hand is. Daarbij moet ik enerzijds voorkomen dat dit ontaard in het nog verder versterken van mijn toch al veel te storende faalangst, en anderzijds dat het geen meedogenloze ophoping van overdoseringen wordt, die het ook alleen maar erger maakt.

Totale exposure.

Exposure blijkt nu echt overal te zijn. De dagelijkse spits van en naar Utrecht geeft mij bijvoorbeeld verhoogde exposure aan allerlei schadelijke stoffen die we in verband brengen met gezondheidsrisico’s. En stress. En reclame-auto’s waarvan ik kan aflezen dat reclame maken ook exposure is. Maar dat wist ik eigelijk al.

Als ik aan het koken ben produceer ik exposure, en bij het schoonmaken, terwijl je door te weinig schoon te maken uiteindelijk ook je exposure verhoogt. Enzovoorts, ik geloof niet dat er nog een einde zou komen aan een opsomming van exposures. Zo lang er leven is, is er exposure zal ik maar zeggen.

Ik heb dus een fantastische studie gekozen om mijn neuroticisme mee te cultiveren. Gelukkig is cultiveren toch heel iets anders dan oncontroleerbaar laten voortwoekeren. Dat zou gemakkelijk schadelijker kunnen worden dan alle risicoverhogende exposures bij elkaar!

Het zo goed mogelijk omgaan met alle exposures is dus niet alleen een wetenschap maar ook een kunst. Ik ben dus ijverig aan het oefenen, en bij de kunst hoort ook: Leven met al die exposures en met het verstandig vermijden ervan. Ondanks alles en dankzij alles, leven! Daar doe ik het voor!

overwinning op het rampjaar 2012

Verstandige vermijding van waarheden, bestaat dat?

Al heb ik mond en toetsenbord vol met het verwerpen van tunnelvisies en aanverwante lafheden, ik zelf maak me er ook schuldig aan. In de praktijk heeft het verdomd weinig om het lijf met mijn streven naar openheid voor alle aspecten van de waarheid. Maar is dat altijd lafheid te noemen?

Er is weer een aanslag in de publiciteit, relatief dichtbij deze keer. Toch wel even schrikken. In hoeverre mag ik mijn dagelijkse zorgen nog serieus nemen, terwijl er ook zulke dingen gebeuren? In hoeverre loop ik kans om opgeblazen te worden als ik nog eens in een grote stad ben? Hoeveel kans dat we binnenkort in oorlog leven hier in ons lange tijd zo kalme polderlandje?

Plotseling realiseer ik me weer eens hoe slecht ik eigenlijk op de hoogte ben van wat er in de wereld gaande is. Af en toe pik ik, afhankelijk van toeval en hypes, wat dieptepunten en de grote lijnen op, maar ik volg het nieuws niet echt. Eigenlijk vlucht ik hiermee voor de realiteit en onttrek me bovendien aan mijn verantwoordelijkheid als wereldburger! Op zijn minst zou ik voldoende op de hoogte moeten zijn om mijn eigen positie in dit alles te bepalen, en te beslissen wat ik zelf kan doen om zo goed mogelijk om te gaan met de gang van zaken in de wereld. Maar nee, dat is me blijkbaar teveel moeite en te emotioneel belastend…

De actualiteiten die momenteel het nieuws halen, zijn daarin niet eens mijn enige zorg. Milieu en mensheid baren me al zorgen sinds mijn kindertijd, net als de manier waarop de kennisontwikkeling lijkt te verlopen. Ik zie dit als steeds hoger gestapelde, steeds meer topzware kennis, waaronder de basis hoe langer hoe hoger en dunner wordt. Een bouwsel dat op instorten staat!

Dit lijkt me intussen zelfs nog erger geworden. Alle problemen schijnen opgelost te moeten worden met meer en meer technologie, terwijl niemand nog leert hoe vanuit simpele en natuurlijke middelen iets zelf te maken. We zijn totaal afhankelijk geworden van technologie en van elkaar, daarbij óók van mensen die we helemaal niet kennen en waarvan we helemaal niet zo zeker kunnen zijn dat ze betrouwbaar zijn. Eigenlijk vermoed ik dat dit onze ondergang gaat worden. Maar al voor ik klaar was met de basisschool, heb ik dit geparkeerd en het daarna nooit meer volledig onder ogen willen zien.

flat earthAfbeelding: Kaart van op basis van Theorie van de Platte Aarde met baan van de zon berekend op basis van metingen op Aarde. Bron: Facebook pagina van Flat Earth Society.

Gelukkig kwam er deze week een vriend langs die mij effectief uit mijn laffe vlucht- en ontkenningsgedrag wist te helpen. Zomaar voor de gein wist hij geloofwaardig te maken dat de Aarde plat was, en dat we daarover dus collectief voorgelogen worden. Veel argumenten die gebruikt worden om aan te tonen dat de Aarde rond is, blijken helemaal niet valide. Tenminste, er zijn even geloofwaardige argumenten om ze onderuit te halen. Ruimtefoto’s zijn vaak bewijsbaar nep. Vluchtroutes van vliegtuigen blijken veel logischer als ze uitgezet worden op de kaart van de platte Aarde, zoals gemaakt door de Flat Earth Society. Enzovoorts.

Zelf geloofde hij weliswaar niet in de theorie van de platte aarde, maar toch…

Maar toch, ik begon even goed te voelen dat ik helemaal niet echt weet of de aannames die ik heb aangeleerd over hoe deze wereld in elkaar zit, dan wel iets deugen! Het begon mij een beetje te duizelen.

Het leek me weliswaar geen goed idee om nu direct in de theorie van de platte aarde gaan geloven. Maar wat moet ik beginnen met de enorme onzekerheid waarin ik verkeer over het waarheidsgehalte van alles wat ik geleerd heb te geloven over deze wereld? Als ik zelfs van de platte aarde theorie zo goed als onmogelijk zelfstandig kan achterhalen of die wel of niet deugt? Denkend over dit probleem, openen zich ongekende perspectieven op wat er allemaal aan de hand zou kunnen zijn zonder dat wij brave burgers daar enige weet van hebben.

Maar waarom maak ik er nu weer een probleem van dat ik kan twijfelen aan algemene kennis? Ik wist toch al héél lang dat die helemaal niet betrouwbaar is!

En toch, zo lang ik er niet bewust mee bezig ben, doe ik over het algemeen toch steeds weer alsof deze kennis betrouwbaar is. Als ik dat doe, kan ik zelfs geestelijk gezond lijken.

Maar het IS gewoon een algemeen geaccepteerde vorm van je blindstaren in een tunnelvisie.

Tunnel ingang

Een tunnel: Handig als je door een berg heen wilt, maar toch jammer als je heel de berg niet gezien zou hebben….of als je lopend een tunnel in gaat die voor heel ander verkeer bedoeld is….!

 

In het stuk “Licht buiten de tunnelvisie” merkte ik, ondanks het aanprijzen van openheid, ook al op dat tunnelvisies nodig kunnen zijn voor het normale functioneren. De meeste mensen die geestelijk gezond “open-minded” zijn, handhaven een afgezwakte, grotendeels tot theorie beperkte vorm van openheid. Èchte openheid voor àlle kennis, inclusief kennis over hoeveel we NIET weten, kunnen we ons helemaal niet permitteren.

Om dus binnen je menselijke vermogens zo open mogelijk met kennis en realiteit om te gaan zonder in geesteszieke toestanden te vervallen, is het dus belangrijk om de juiste keuzes te kunnen maken over welke realiteiten en mogelijkheden je buiten wilt sluiten.

Het lijkt me daarbij wel goed om te oefenen in het verdragen van kennis en in het maken van keuzes in de omgang ermee. Keuzes over wat voorlopig het verstandigste lijkt om te geloven, zelfs wetend dat de werkelijkheid toch heel anders zou kunnen zijn. Keuzes over welke onderwerpen je echt het belangrijkst vind en waar je het meeste mee kan. Durven proberen òf er iets mee kan. De frustratie over alles wat niet lukt of zelfs onmogelijk zou kunnen blijken, en de angst voor de onbekend gebleven waarheid leren verdragen zonder te hoeven vluchten of ontkennen.

Daarbij òòk de frustratie over het tekortschieten in deze oefening zelf, die niet gemakkelijk is. Te ver over je grenzen te gaan en je verliest het geestelijk evenwicht, teveel achter je grenzen blijven verstoppen en je blokkeert je ontwikkeling als mens. Kies je eigen risico en creëer je eigen kans! Zonder werkelijk te weten wat je doet, natuurlijk!

En ja, soms word ik daar wel wat nerveus van.