Openheid over psychische aandoeningen: Geweldig, maar lees wel de bijsluiter.

Enige tijd geleden stelde een van de supporters van Samen Sterk zonder Stigma (SSzS) iets in de aard van bovenstaande slagzin voor. Heel veel bijval leek deze niet te vinden, maar ikzelf was het er roerend mee eens. In ieder geval beter dan “Pas op, openheid leidt tot begrip”. Hoewel ikzelf ook supporter ben van SSzS, en dus zeker sympathie heb voor deze club, zijn mijn ervaringen met openheid over psychische problemen gemiddeld genomen helemaal niet zo positief geweest en leidden al te vaak tot het tegendeel van begrip. Ik ergerde me dus aan de slagzin “Pas op, openheid leidt tot begrip”, die een beetje de draak leek te steken met angst voor openheid, terwijl deze angst volgens mij vaak gerechtvaardigd is.

Toch zag ik ook wel dat SSzS het echt niet zo irritant bedoelde en er op hun eigen manier ook zeker veel mee bereikt. Ik heb me daarom wel afgevraagd waarom het devies voor mij zelf dan zo onpassend en contraproductief leek. Wat er dus mogelijk in een “bijsluiter” zou moeten staan aan contra-indicaties en dergelijke. Natuurlijk is openheid over psychische aandoeningen sowieso geen kant en klaar nauwkeurig samengesteld farmaceutisch preparaat, maar je moet het zelf mengen, daar begint het al mee.

Daarbij is het in werkelijk gevoelige situaties vaak niet eens een keuze of je er open over bent of niet. Als het echt slecht met je gaat, kan het soms zo overduidelijk zijn dat er iets aan de hand is op psychisch gebied, dat je alleen nog kunt proberen te beïnvloeden WAT mensen denken dat het is, maar het helemaal verbergen is simpelweg niet mogelijk. Of dat al niet vervelend genoeg is, kan het in deze situatie ook vrij gemakkelijk gebeuren dat mensen alles wat je zegt gaan herinterpreteren volgens hun eigen opvattingen, omdat ze ervan uitgaan dat je het zelf door je psychische aandoening wel niet helemaal juist zult hebben. Je bent bijvoorbeeld emotioneel te sterk verstoord om nog rationeel te kunnen zijn, en hebt daarbij mogelijk ook nog een gebrek aan zelfinzicht en/ of bent in ontkenning, zo redeneren ze. Probeer in die situatie nog maar eens begrip te laten ontstaan uit je openheid. Hard wegrennen lijkt me dan eerlijk gezegd nog steeds een veel vruchtbaarder optie, vooropgezet dat je daarmee ook werkelijk kan ontsnappen. Begrip zoeken valt dan tenminste nog ergens anders te proberen.

Op de website van SSzS staan op zich best goede tips hoe je het moet aanpakken met die openheid. Daar blijkt ook al uit dat het niets iets is wat je er zomaar even uitflapt, of waar een vaste gouden standaard voor bestaat. Maar het is heel frustrerend als je iets tegen stigma wilt doen en nog niet klaar bent voor delicate communicatie over een van de meest precaire zaken die je maar bespreekbaar kunt maken, terwijl het dan toch lijkt of “openheid” het enige is dat je kunt doen. En dat het eigenlijk tot begrip zou moeten leiden.

Ik denk eigenlijk dat de mogelijkheid om op een vruchtbare manier “open” te zijn over problemen, en daarmee aan stigmabestrijding te kunnen doen, wel eens nauw zou kunnen samenhangen met de “fases van herstel”. De “openheid” zoals bedoeld door SSzS is dus in mijn beleving in ieder geval ongeschikt voor mensen die nog in de fase van “beheerst worden door de stoornis” zitten, en ook nog problematisch in de fase van “strijd tegen de stoornis” . Dit is extra hinderlijk omdat dit wel precies de fases zijn waarin je ook het meeste onder stigma te lijden kan hebben, althans zo was dat voor mij zelf wel. De reden dat mijn communicatie over de stoornis in deze fases contraproductief was, ligt erin dat het héél zwaar emotioneel beladen was allemaal, en dat ik zelf eigenlijk ook niet precies wist wat ik had laat staan wat verstandig was om erover te vertellen. Ik vertelde dus meestal wat het meest emotioneel beladen was, want dat lag vooraan in mijn geest en moest eruit, en dat was deels zo intens verschrikkelijk dat het uitstekend geschikt was om andere mensen bang te maken en op zijn minst te doen denken dat ik toch wel een heel betreurenswaardig geval was.

In de fases “leven met de stoornis”, en beter nog, “leven waarin de stoornis een ondergeschikte rol speelt” lijken de aanbevelingen over openheid van SSzS mij beter deugdelijk toepasbaar. Desondanks merk ik dat ik zelf naarmate ik verder ben in mijn herstel, juist minder gretig ben om aan “openheid” te doen. In feite ben ik nu nog aan het herstellen van mijn ervaringen met “openheid” toen ik er nog niet klaar voor was om het te kunnen, maar desondanks geen keuze had. Het is juist heel fijn om er eindelijk ook steeds vaker voor te kunnen kiezen om niets te laten merken en er niets over te zeggen, en alleen af en toe iets van mijn angsten en onzekerheden te delen waar dit nog te begrijpen is vanuit de “normale”/ “gezonde” menselijke ervaring die mensen zonder psychische aandoening ook wel kennen. En waar ze dus ook begrip voor hebben!

Wel zou ik het mooi vinden als het er nog eens van komt dat ook ik leer wat de meest effectieve dingen zijn die ik zonder mezelf sterk te benadelen en/of mezelf weer in de angst te verstrikken, kan vertellen over mijn “psychische aandoening”. Lastig is daarbij wel dat die angst ook besloten ligt in de aard van mijn “aandoening” zelf. Bovendien is het zelfs als zuiver rationele opgave, nog los van de emotionele lading, best een moeilijk probleem om zulke zaken wel helder te benoemen maar er geen stigmatiserende scheiding mee te trekken tussen mensen met en zonder “stoornis”.

Ook zou ik nog wensen dat er wèl hanteerbare mogelijkheden aangereikt zouden kunnen worden voor stigmabestrijding door mensen die juist nog in de zwaarste fases verkeren, en het het hardste nodig hebben. Waarschijnlijk zal het dan vooral gaan om het bestrijden van hun zelfstigma. Althans ik heb nu de indruk dat het eigenlijk wel nodig is om zelfstigma enigszins onder controle te hebben voordat je effectief de strijd aankunt met het publieke stigma. Echter dat lijkt ook een beetje te zeggen dat je eerst maar eens aan jezelf moet werken, een beeld dat op zichzelf alweer het zelfstigma kan versterken, en de wens om juist naar buiten toe iets van verandering te brengen nog altijd frustreert. Het aanpakken van zelfstigma als enige optie is dus ook niet bevredigend.

Stigmabestrijding en de juiste vorm en mate van openheid over psychische aandoeningen is zeker niet eenvoudig. Openheid kan vast een geweldig medicijn zijn tegen stigma, maar het is niet altijd en voor iedereen effectief en kan ook tot ongewenste effecten leiden.  Lees dus wel de bijsluiter! Of eigenlijk: probeer maar eens om eerst je eigen bijsluiter te schrijven, want die wordt er niet standaard bij geleverd, zo min als een ander het preparaat voor je kan mengen.

Gevaarlijke overbruggingen in en uit de GGZ.

Bruggen zijn eigenlijk bedoeld om veilig over te steken. Om een brug werkelijk op die manier te gebruiken, is toch een zekere stabiliteit vereist en de intentie om inderdaad veilig over te steken. Iemand in grote psychische nood kan heel anders naar een brug kijken. Bovendien is sowieso niet iedere brug even veilig.

In dit artikel komen drie gevaarlijke bruggen voor de persoon in psychische nood ter sprake: De brug naar de goede behandelaar, die vaak gevaarlijk en gammel is maar waarbij de overkant bereiken wel je redding kan betekenen, de brug waar je misschien van af zou willen springen, en de brug van een beperkt leven in de GGZ naar een vrij leven in de maatschappij (ahum, voor zover dat laatste geen contradictie is).

De brug naar de goede behandelaar kan vereisen dat je gaat “shoppen” terwijl de slechte behandelaar je dit afraadt, en lijkt sowieso vaak geduld en stabiliteit te vereisen op momenten dat je dit absoluut niet hebt. Vooral bureaucratische processen waar alle betrokkenen zodanig in verstrikt raken dat het onmogelijk gemaakt wordt om snel genoeg met de behandeling te beginnen zijn hier erg sterk in. Ook het moeten afwerken van een schijnbaar eindeloze reeks slechte behandelaars voor je ooit een goede tegenkomt kan een zeer riskante beproeving zijn. Beide situaties heb ikzelf ervaren en deze waren zeer gevaarlijk, want zij drongen mij met grote kracht naar de “brug te ver” die hierop volgt:

De brug waar je af wilt springen, omdat het lijden ondraaglijk en uitzichtloos lijkt. Dit is de allergevaarlijkste brug in dit verhaal, de brug die rechtstreeks naar de dood zou kunnen leiden, terwijl dat diep van binnen niet is wat je werkelijk wilde. Tenminste, als ik voor mezelf spreek, was het juist mijn wil tot leven die mij ingaf dat ik er een einde aan moest maken. Want als ik zó graag wilde leven, maar het bleek steeds zo pijnlijk onmogelijk, beschamend en kansloos, wat bleef er dan nog over dan te zorgen dat ik mijn eigen mislukking in dat wat ik met heel mijn wezen wilde, niet meer kon kennen door er zelf niet meer te zijn?

In een tijd dat ik al wel aan de beterende hand was, maar al te lang in onzekerheid en vertwijfeling moest wachten op bureaucratische afhandelingen kwam het plan met de brug. Vergeleken met de acties in mijn slechtste periode was dit een redelijk verstandig plan, waarmee ik impulsieve pogingen op een afstand hield. De beoogde brug bevond zich namelijk ergens in Oost-Duitsland, en om deze plek ook echt te bereiken voor het verrichten van mijn daad zou ik behoorlijk zeker moeten zijn. Ik stelde me voor dat als ik onderweg zou gaan twijfelen, ik waarschijnlijk als “verward persoon” opgepakt zou worden in Duitsland en daar in een inrichting gestopt. Dat wilde ik in ieder geval niet.

Op een gegeven moment heb ik dan maar contact opgenomen met 113, zowel via internet (113online) als ook een keer via de telefoon. Gelukkig was de persoon aan de telefoon in staat om een gesprek met mij te voeren dat het niet alleen maar erger maakte, maar juist een beetje beter. Zij vroeg mij wat ik zou willen als ik nergens rekening mee hoefde te houden. Ik had haar al verteld over mijn plan met de brug, en ik zei: “Ik zou van die brug af willen springen, maar dan niet doodgaan”. Ik dacht aan de bossen en bergen in het uitzicht en de duizelingwekkende diepte en de hoge snelheid die de ultieme angst en het ultieme genot tot één geheel maken in een stortvloed van intense indrukken. En ik wist: Ik wil niet dood. Ik wil juist ten volle leven!

Intussen ben ik overigens nog steeds te vreesachtig geweest om werkelijk toe te komen aan zowel een dergelijke sprong als “ten volle leven”. Maar sommige dingen die ik doe komen er wel wat in de buurt, en goed genoeg om niet meer te geloven dat de dood een verbetering zou zijn ten opzichte van mijn leven.

De brug van GGZ naar een vrij leven in de maatschappij ofwel volledig “herstel” inclusief maatschappelijk herstel is de brug waar ik me nu op bevind. Hoewel dit nu wel veiliger voelt dan de uiterst bedenkelijke gammele brug naar de goede behandelaar die ik ter nauwer nood overleefd heb, voelt het gevaar nog vaak erg nabij.

Wat vooral opvalt is dat er eigenlijk helemaal geen sprake is van een brug. Of een herkenbare overkant. Alsof je aan een moeras met drijfzand ontkomen bent en dan een rivier moet doorwaden in de mist.

Toch is het ook regelmatig of ik me al wel degelijk op een hoogte bevind waar ik van af zou kunnen vallen. En alsof er een weg terug is waar ik heen gejaagd zou kunnen worden als iemand besluit om mensen niet over de brug te laten. Alsof er toch een banvloek op zou kunnen rusten, waardoor mijn terugkeer in het land der levenden om allerlei onverwachte redenen toch geweigerd zou kunnen worden…Bijvoorbeeld als ik omkijk, en ik kan het omkijken steeds niet laten…

Laat ik maar hopen wat ik ook wel weet, namelijk dat niet al mijn angstfantasieën zichzelf waar hoeven te maken. Toch geloof ik dat omkijken werkelijk gevaarlijk kan zijn, en ik mij zelf al bloggend in gevaar breng. Openheid over psychische problemen hoeft geen probleem te zijn voor iemand die al goed en stabiel functioneert in geaccepteerde maatschappelijke rollen, heeft getoond daarin competent te zijn en dan nog eens toegeeft zich toch wel eens psychisch ziek te voelen. Maar iemand wiens laatste herkenbare maatschappelijke rol “psychiatrisch patiënt” was, die moet eerst nog maar eens bewijzen desondanks competent te zijn, terwijl er al bergen “bewijs” ligt voor het tegendeel.

Toch zijn er gelukkig ook mensen die dit anders zien, en zij kunnen helpen met het oversteken van deze laatste brug waar eigenlijk geen brug is. Dan kan deze gevaarlijke oversteek uiteindelijk zonder herkenbare overgang doorlopen tot de enige echte gevaarlijke brug in een eeuwigheid van niet-leven, waar al het andere dat je deed zich ook al op bevond. Dan besef je opeens dat je hetzelfde grote gevaar deelt met iedereen die nooit in de GGZ is geweest.

Verstandige vermijding van waarheden, bestaat dat?

Al heb ik mond en toetsenbord vol met het verwerpen van tunnelvisies en aanverwante lafheden, ik zelf maak me er ook schuldig aan. In de praktijk heeft het verdomd weinig om het lijf met mijn streven naar openheid voor alle aspecten van de waarheid. Maar is dat altijd lafheid te noemen?

Er is weer een aanslag in de publiciteit, relatief dichtbij deze keer. Toch wel even schrikken. In hoeverre mag ik mijn dagelijkse zorgen nog serieus nemen, terwijl er ook zulke dingen gebeuren? In hoeverre loop ik kans om opgeblazen te worden als ik nog eens in een grote stad ben? Hoeveel kans dat we binnenkort in oorlog leven hier in ons lange tijd zo kalme polderlandje?

Plotseling realiseer ik me weer eens hoe slecht ik eigenlijk op de hoogte ben van wat er in de wereld gaande is. Af en toe pik ik, afhankelijk van toeval en hypes, wat dieptepunten en de grote lijnen op, maar ik volg het nieuws niet echt. Eigenlijk vlucht ik hiermee voor de realiteit en onttrek me bovendien aan mijn verantwoordelijkheid als wereldburger! Op zijn minst zou ik voldoende op de hoogte moeten zijn om mijn eigen positie in dit alles te bepalen, en te beslissen wat ik zelf kan doen om zo goed mogelijk om te gaan met de gang van zaken in de wereld. Maar nee, dat is me blijkbaar teveel moeite en te emotioneel belastend…

De actualiteiten die momenteel het nieuws halen, zijn daarin niet eens mijn enige zorg. Milieu en mensheid baren me al zorgen sinds mijn kindertijd, net als de manier waarop de kennisontwikkeling lijkt te verlopen. Ik zie dit als steeds hoger gestapelde, steeds meer topzware kennis, waaronder de basis hoe langer hoe hoger en dunner wordt. Een bouwsel dat op instorten staat!

Dit lijkt me intussen zelfs nog erger geworden. Alle problemen schijnen opgelost te moeten worden met meer en meer technologie, terwijl niemand nog leert hoe vanuit simpele en natuurlijke middelen iets zelf te maken. We zijn totaal afhankelijk geworden van technologie en van elkaar, daarbij óók van mensen die we helemaal niet kennen en waarvan we helemaal niet zo zeker kunnen zijn dat ze betrouwbaar zijn. Eigenlijk vermoed ik dat dit onze ondergang gaat worden. Maar al voor ik klaar was met de basisschool, heb ik dit geparkeerd en het daarna nooit meer volledig onder ogen willen zien.

flat earthAfbeelding: Kaart van op basis van Theorie van de Platte Aarde met baan van de zon berekend op basis van metingen op Aarde. Bron: Facebook pagina van Flat Earth Society.

Gelukkig kwam er deze week een vriend langs die mij effectief uit mijn laffe vlucht- en ontkenningsgedrag wist te helpen. Zomaar voor de gein wist hij geloofwaardig te maken dat de Aarde plat was, en dat we daarover dus collectief voorgelogen worden. Veel argumenten die gebruikt worden om aan te tonen dat de Aarde rond is, blijken helemaal niet valide. Tenminste, er zijn even geloofwaardige argumenten om ze onderuit te halen. Ruimtefoto’s zijn vaak bewijsbaar nep. Vluchtroutes van vliegtuigen blijken veel logischer als ze uitgezet worden op de kaart van de platte Aarde, zoals gemaakt door de Flat Earth Society. Enzovoorts.

Zelf geloofde hij weliswaar niet in de theorie van de platte aarde, maar toch…

Maar toch, ik begon even goed te voelen dat ik helemaal niet echt weet of de aannames die ik heb aangeleerd over hoe deze wereld in elkaar zit, dan wel iets deugen! Het begon mij een beetje te duizelen.

Het leek me weliswaar geen goed idee om nu direct in de theorie van de platte aarde gaan geloven. Maar wat moet ik beginnen met de enorme onzekerheid waarin ik verkeer over het waarheidsgehalte van alles wat ik geleerd heb te geloven over deze wereld? Als ik zelfs van de platte aarde theorie zo goed als onmogelijk zelfstandig kan achterhalen of die wel of niet deugt? Denkend over dit probleem, openen zich ongekende perspectieven op wat er allemaal aan de hand zou kunnen zijn zonder dat wij brave burgers daar enige weet van hebben.

Maar waarom maak ik er nu weer een probleem van dat ik kan twijfelen aan algemene kennis? Ik wist toch al héél lang dat die helemaal niet betrouwbaar is!

En toch, zo lang ik er niet bewust mee bezig ben, doe ik over het algemeen toch steeds weer alsof deze kennis betrouwbaar is. Als ik dat doe, kan ik zelfs geestelijk gezond lijken.

Maar het IS gewoon een algemeen geaccepteerde vorm van je blindstaren in een tunnelvisie.

Tunnel ingang

Een tunnel: Handig als je door een berg heen wilt, maar toch jammer als je heel de berg niet gezien zou hebben….of als je lopend een tunnel in gaat die voor heel ander verkeer bedoeld is….!

 

In het stuk “Licht buiten de tunnelvisie” merkte ik, ondanks het aanprijzen van openheid, ook al op dat tunnelvisies nodig kunnen zijn voor het normale functioneren. De meeste mensen die geestelijk gezond “open-minded” zijn, handhaven een afgezwakte, grotendeels tot theorie beperkte vorm van openheid. Èchte openheid voor àlle kennis, inclusief kennis over hoeveel we NIET weten, kunnen we ons helemaal niet permitteren.

Om dus binnen je menselijke vermogens zo open mogelijk met kennis en realiteit om te gaan zonder in geesteszieke toestanden te vervallen, is het dus belangrijk om de juiste keuzes te kunnen maken over welke realiteiten en mogelijkheden je buiten wilt sluiten.

Het lijkt me daarbij wel goed om te oefenen in het verdragen van kennis en in het maken van keuzes in de omgang ermee. Keuzes over wat voorlopig het verstandigste lijkt om te geloven, zelfs wetend dat de werkelijkheid toch heel anders zou kunnen zijn. Keuzes over welke onderwerpen je echt het belangrijkst vind en waar je het meeste mee kan. Durven proberen òf er iets mee kan. De frustratie over alles wat niet lukt of zelfs onmogelijk zou kunnen blijken, en de angst voor de onbekend gebleven waarheid leren verdragen zonder te hoeven vluchten of ontkennen.

Daarbij òòk de frustratie over het tekortschieten in deze oefening zelf, die niet gemakkelijk is. Te ver over je grenzen te gaan en je verliest het geestelijk evenwicht, teveel achter je grenzen blijven verstoppen en je blokkeert je ontwikkeling als mens. Kies je eigen risico en creëer je eigen kans! Zonder werkelijk te weten wat je doet, natuurlijk!

En ja, soms word ik daar wel wat nerveus van.

U-Lab dodelijk voor zelfstigma*?

Momenteel ben ik een erg boeiende cursus aan het volgen, in principe bedoeld voor sociale innovatie en leiderschap en dergelijke. De eerste tijd durfde ik daarom amper te laten weten dat ik het lef heb om daar aan mee te doen. Inmiddels is het te leuk en te interessant geworden om voor me te houden! Toch vind ik het nog wel erg spannend om erover te vertellen.

De cursus heet “U-Lab” en is via een MOOC1 gratis te volgen over heel de wereld. Door middel van zogenaamde “Hubs” wordt er ook op enorm veel locaties in het echte leven samen gewerkt aan deze cursus.

Stom toevallig kwam ik erachter dat de Provincie Noord-Brabant ook zoiets organiseerde bij mij in de buurt. Voor zover ik kon achterhalen kon iedereen, ongeacht achtergrond, kosteloos deelnemen. Eigenlijk kon ik nauwelijks geloven dat dit echt waar was, maar nam de gok en schreef me in.

Dat ik de gok durfde te nemen, betekende niet dat ik niet bang was. Ik stond dagen van te voren al totaal strak van de zenuwen. De eerste bijeenkomst was op de bovenste verdieping van het provinciehuis. Een indrukwekkende locatie, waar je ook nog met pasjes en poortjes die te snel willen dichtklappen, binnengelaten moet worden. Eenmaal boven begon iedereen direct routineus te netwerken inclusief handig praatje over zichzelf en visitekaartjes. Ik dacht te gaan sterven van angst en schaamte.

Daarna begon het echt, en vanuit mijn angstige bevriezing gleed ik in een warm bad. Ik kwam in contact en begon me verrassend snel mens onder de mensen te voelen. Er was een sfeer van enthousiasme, empathie en openheid voor veranderingen. Mijn achtergrond werd over het algemeen helemaal niet als beperkend gezien. In tegendeel, verschillen in perspectief zijn een verrijking van de gezamenlijke inzichten die we zouden kunnen bereiken. Ik kreeg een gevoel van gelijkwaardige verbondenheid in ons mens-zijn en onze zoektocht naar wat er werkelijk toe doet.

Dit gevoel wordt ook bevorderd door oefeningen waarin de aandacht gevestigd wordt op verbondenheid met de aarde, met andere mensen, en met wat er boven ons is. Tijdens dit soort oefeningen werd ik diep geraakt door het extreme contrast met mijn ervaringen in de psychiatrie, waar ik me radicaal van andere mensen, mezelf en uiteindelijk ook de wereld afgesloten heb gevoeld.

Hierbij werd ook een al langer bij mij bestaand inzicht enorm helder: Hoewel het negatief gevoel dat ik destijds ervaren heb, overweldigend echt en onontkoombaar was, heeft de mensheid mij in werkelijkheid nooit afgewezen. Een aantal mensen heeft mij bekritiseerd en vervolgens heb ik mij zelf afgewezen. Ik begrijp mezelf daarin nog steeds wel, maar het was een dwaling. Nu wil ik de andere richting gaan, en mezelf accepteren als volwaardig mens. Ondanks moeilijke kanten die ik heb, opgenomen in de mensheid. Moeilijke kanten horen bij het mens-zijn, de mensheid is nog in ontwikkeling en ik kan en mag daar gewoon aan meedoen.

“Theory U”

Vanwege deze mooie gevoelens lijkt het me nu ook de moeite waard om een inkijkje te geven in het meer rationele, de theorie. “Theory U” is genoemd naar de vorm van processen die gericht zijn op het doorvoeren van veranderingen met diepgang. De rechte lijn van probleem naar oplossing is de kortste weg, maar leidt vaak tot schijnoplossingen, en tot het feit dat de problemen van vandaag vaak veroorzaakt worden door de oplossingen van gisteren. Het U-proces wil daarom dieper gaan om tot betere en duurzamere oplossingen te komen. Het is hierin de bedoeling om vooral in het heden waar te nemen en aan te voelen wat het beste is dat er zou kunnen ontstaan. Dat proces wordt “presencing” genoemd.

Belangrijk in het neergaande deel van de U, het waarnemen, is het onderscheid tussen de volgende 4 niveaus van luisteren of waarnemen.

  1. Het eerste, meest oppervlakkige niveau, dat ‘downloaden’ genoemd wordt. Vanuit bestaande patronen reageren, blijven doen wat je al deed. Horen wat je verwacht te horen.
  2. Het openen van de geest. Voorbij de stem van het veroordelen. Wetenschappelijk waarnemen, aandacht voor nieuwe feiten, iets dat je niet verwacht had.
  3. Het openen van het hart. Voorbij de stem van het cynisme. Je verplaatsen in de positie van andere belanghebbenden, emoties toelaten, empathisch je gevoel laten spreken. Iets ervaren dat je niet eerder ervaren hebt.
  4. Het openen van de wil. Voorbij de stem van de angst. Mogelijkheden zien voor de hoogst haalbare toekomst. De ruimte vrijmaken voor deze toekomst om zich te realiseren. Bereidheid tot doen wat je niet eerder gedaan hebt.

In de cursus hebben we nu ervaringen opgedaan met dit afdalende deel. Hierbij hebben we onszelf veel reflectieve vragen gesteld. In mijn beleving de meest centrale vragen in het veranderproces zijn: Wat is er aan het afsterven? Wat wil er ontstaan?

Vanuit deze vragen kom ik tot het onderwerp van de titel. Voor mij persoonlijk is het belangrijkste antwoord op dit moment: Het eerste dat dood moet is mijn zelfstigma. Het is iets dat ik doe terwijl ik het niet meer wil, iets dat mij enorm hindert.

Op zichzelf geloof ik niet dat U-Lab dodelijk is voor zelfstigma of andere destructieve tunnelvisies. Het is wel een hele goede omgeving om ze te helpen sterven.

Voor het opgaande deel van de U dat nu voor me ligt in de cursus, het actief tot stand brengen van vernieuwingen, zal ik nog alle moed kunnen gebruiken. Dat geldt trouwens ook voor de rest van mijn leven, dat nu nog voor mij ligt. Tot slot een kleine maar moedige afscheidsrede, om mezelf nog wat meer moed in te praten!

Zelfstigma, je hebt mij nooit werkelijk geholpen, maar ik heb geloofd veiliger te zijn als ik mij zelf veroordeel dan als ik afwacht tot anderen mij veroordelen. Hier laat ik je achter, bij de angst waar je uit geboren bent.

***

 ulab-overview Afbeelding gemaakt door Kelvy Bird

*Zelfstigma betekent dat iemand zichzelf veroordeelt en devalueert op grond van bepaalde kenmerken zoals cliënt zijn (geweest) bij het GGZ, bepaalde ziektes, iets dat men in het verleden gedaan heeft, etc. Over zelfstigma heb ik eerder een artikel geschreven, mijn allereerste blog stukje ooit: Het zelfvervullend zelfstigma. Dit staat op de site van Stichting ZON en is onderdeel van een project over zelfstigma.

1MOOC = Massive Open Online Course. Veel universiteiten hebben tegenwoordig deze cursussen die via internet gevolgd kunnen worden.

Licht buiten de tunnelvisie!

Poging tot rationele visie op een irrationele visie.

Meestal als ik echt verstrikt raak in mijn angsten, is daar ook wel een bepaald type denkbeeld bij betrokken. Over mijn blog kan ik bijvoorbeeld denken: “Dat stuk was sociale zelfmoord. Ik verwar durf met stommiteit en heb geen enkel gevoel meer voor wat wel en niet kan. Nu ziet iedereen me als een kansloze gek. En dat ben ik ook. Ik ben verloren…”

Om beter met dergelijke denkbeelden overweg te kunnen, is het voor mij belangrijk ze te bestuderen, in plaats van er midden in te blijven zitten (erin geloven) of ermee in de clinch te gaan (bestrijden als zieke irrationele gedachte). Negeren werkt in ieder geval ook niet, maar op de een of andere manier moet ik er wel enige afstand van kunnen nemen. Zodra dat lukt, kan ik gaan proberen om een evenwichtigere visie te ontwikkelen op het geheel.

Volgens mij is de ‘ratio’ heel erg betrokken bij het ontstaan van dergelijke denkbeelden, maar als een soort slaaf van mijn angsten. Bij het construeren van het denkbeeld verzamelt de angst-ratio snel en efficiënt uitsluitend gegevens die de indruk van gevaar kunnen versterken. Waarnemingen die geruststellend of relativerend zouden kunnen werken, worden verworpen als ongeloofwaardig. Vervolgens maakt de angst-ratio extreme extrapolaties richting de maximaal mogelijke ramp in het geval dat de meest absurde dingen die ik ooit in mijn leven gezien heb, maatgevend zijn.

InspirationalQuotes.Club-light-tunnel-illusion-inspirational-life-unknown

De angst werkt dus het redeneren met een tunnelvisie in de hand. Op het hele emotionele drama eromheen na, lijkt het eigenlijk nog best rationeel. Er worden echte waarnemingen gebruikt, en de logica wordt nog best gerespecteerd. Het enige dat echt niet deugt is het uitgangspunt dat de door de angst gecreëerde tunnel de begrenzing van de werkelijkheid is.

De tunnelvisie is zeker niet uniek voor de pathologische angstdenkbeelden van mij als psychiatrisch geval. Het is een wijd verbreide manier van denken die overal gehanteerd wordt, tot artsen, wetenschappers en rechters aan toe. Het enige verschil is dat zij er kalm bij blijven, en dat het lange tijd sociaal acceptabel blijft, namelijk zo lang de meeste mensen het niet in de gaten hebben. Het uitgangspunt is herkenbaar functioneel: Er is een denkkader, een theorie, en dat is ook nodig om ordelijk te kunnen denken. Maar waar het vermogen om dit denkkader te overstijgen verloren gaat, verwordt het denken tot een tunnelvisie die qua kwaliteiten als denkbeeld niet te onderscheiden is van zogenaamd pathologische denkstijlen.

Zekerheid door zelfbedrog.

De omschreven beperkte denkstijl heeft dus lang niet altijd te maken met gebrekkig werkende rationele vermogens. Zoals we gezien hebben, hoeft er ook niet in alle gevallen sprake te zijn van direct overweldigende emoties. Om gewoon maar te blijven functioneren, is het vaak nodig om schijnzekerheid binnen een kortzichtige tunnelvisie hoger te achten dan de onzekerheid van twijfelen aan een bestaand denkkader. Dat zou enorm veel tijd en energie kosten, die je beter ergens anders aan kunt besteden. Zo lang de tunnelvisie werkt, zou je wel goed gek zijn om je hoofd boven bestaande denkkaders uit te steken!

DSM5 voorbij schapen

In het juist inschatten van de medemens willen we misschien wel wat meer investeren. Maar dat kan erg moeilijk zijn, en nog moeilijker is het om te weten of de inschattingen kloppen. Daardoor kan het toch nog aantrekkelijk worden om een rotsvast geloof te hechten aan een slecht onderbouwde inschatting van andere mensen. Stereotyperen en stigmatiseren biedt uitkomst om snel een gevoel van zekerheid te bereiken bij het inschatten van anderen.

In mijn eigen tunnelvisie van angst lijkt het er vaak meer op dat ik iedere vorm van zekerheid wil ondermijnen. In eerste instantie zoek ik paniekerig naar een echte zekerheid. Maar over het algemeen vind ik die niet, zodat uiteindelijk ieder vertrouwen in rationaliteit en menselijkheid weggewerkt wordt. Daarmee bereikt de emotie de zekerheid van het eigen gelijk. De ratio zal eindelijk zijn klep houden, en mijn primitieve reflexen zijn vrij om me te helpen vechten of vluchten. Hoewel het niet vaak gebeurt dat het helemaal zo ver komt, weet ik wel dat het zo is. In het diepst van de angst bestaat een primitieve zekerheid, die zich zekerder voelt dan alle rationele ‘zekerheden’ bij elkaar.

Uiteindelijk streven tunnelvisie, stigma en angstdenken dus naar hetzelfde doel: Zekerheid over iets waar geen zekerheid over is. Het streven naar zekerheid op zichzelf is niet verkeerd, maar ergens hierin wordt besloten tot zelfbedrog. In mijn beleving is dit meestal geen bewuste beslissing, en kan een poging om anders te gaan denken heel erg bedreigend voelen. Daar zitten angst en stigma volgens mij in hetzelfde enge schuitje samen met andere tunnelvisies.

Gelukkig ben ik niet voortdurend even angstig en kan ik allerlei emotionele toestanden met hun bijbehorende manier van denken en waarnemen ervaren. Ik hoop dat zowel ik zelf als anderen die op enige wijze beperkt worden door tunnelvisies, verbetering kunnen brengen in de toestand; door naast zekerheid, ook openheid voor zo veel mogelijk ervaringen met grote passie na te streven! Alle emoties, alle tunnels te kunnen ervaren en ook wat daar buiten ligt, of het nu licht of donker is –